Al 15 jaar de nieuwssite voor Genemuiden!
30 oktober 2020 t’ Olde Staduus
Agenda
Van Dijk Heftrucks (tijdelijk)

Alcoholbeleid, keten en zachte peren (column Wim Rietman)

Geplaatst op: 8 februari 2015

“De gemeente wil het alcoholgebruik onder jongeren terugdringen,” zo luidde een grote kop in de Stadskoerier van afgelopen week. Eerlijk gezegd zou het me verbaasd hebben, wanneer het college het tegenovergestelde bekend gemaakt zou hebben. Jeugd en alcoholconsumptie zijn sowieso niet van de plaatselijke nieuwssites weg te branden. “Keet de Kolk” ligt momenteel weer onder een vergrootglas en maakt weer heel wat los onder de plaatselijke bevolking.

wimVolgens raadslid Slingerland vindt 50% van de ouders in Zwartewaterland het drinken van jongeren onder de 18 jaar goed of zegt er in ieder geval niets van.  Regionaal bekeken schijnt dat 31% te zijn.

31% van de ouders in onze gemeente raadt het haar kroost juist helemaal af om alcohol te consumeren. Dat moet volgens een plan van de gemeente straks 40% worden. Dat noem ik nog  eens ambities!

Waar al deze percentages überhaupt vandaan komen – en hoe die dan wel tot stand komen – is me een groot raadsel.  Uiteraard hebben ouders een zekere invloed op het alcoholgebruik van hun kinderen, maar laten we die rol niet overschatten. Het is van alle tijden dat jongeren rond hun zestiende jaar met de consumptie van alcohol beginnen. Ik praat het niet goed, maar het is de realiteit. Sinds ongeveer een jaar is het verboden alcohol te verkopen aan personen onder de 18 jaar. Deze – door de overheid ingestelde – maatregel zit eveneens boordevol goede bedoelingen. De jeugd zal zich er zich echter niet door laten afschrikken. Want wat verboden is, is nu eenmaal dubbel interessant.

Ik denk dat het verbod op alcohol schenken onder de 18 jaar zeer goed wordt doorgevoerd in de plaatselijke horeca. Maar dat heeft natuurlijk nauwelijks invloed op de consumptie ervan in die leeftijdsgroep. Het is voor de meeste personen onder de 18 jaar nou niet bepaald een huzarenstukje om aan drank te komen. De jeugd zoekt en vindt alternatieven en dus schieten keten weer als paddenstoelen uit de grond.

Keten, ze zijn van alle tijden. Toen ik een jaar of 16 was waren er ook legio in Genemuiden. Het keldertien, het hØkien, het zoldertien, ga zo maar door.

In die tijd dronk ik nog braaf cola, maar de meeste leeftijdsgenoten dronken al bier. Er was nooit controle, maar het liep ook nooit uit de hand. Na verloop van tijd had je het in zo’n keet wel gezien en zocht je je heil in de plaatselijke horeca of buiten Genemuiden.

Tegenwoordig hebben we het fenomeen “Keet de Kolk”. De gedoogkeet van de gemeente, zogezegd.  Gedogen. Ik moet eerlijk zeggen: persoonlijk houd ik er niet van. Gedogen staat synoniem voor dulden. Oftewel, iets accepteren waar je het eigenlijk niet mee eens bent. Meestal komt er ook weinig goeds van. Het heeft iets van de zachte heelmeesters die stinkende wonden maken. De landelijke overheid heeft bijvoorbeeld een gedoogbeleid ingevoerd m.b.t. softdrugs. Zo’n maatregel bevestigt in één keer het “zachte peren gehalte” van de mensen die ons land regeren. Je verbiedt iets, of je legaliseert iets. Dus niet een paar gram wiet door de vingers zien, maar een kilo niet. Gewoon categorisch verbieden én bestraffen of zodanig vrijgeven dat je het op iedere hoek van de straat kunt kopen. Ben je ook in één keer van een hele hoop criminaliteit af. Maar in ieder geval weg met het gemarchandeer.

“Keet de Kolk” blijft een zorgenkindje voor de gemeente. Ze hebben het allemaal pico-bello voor elkaar aan de Hasselterdijk. Eerlijkheidshalve zou je je wel af kunnen vragen wat het verschil eigenlijk is met een gewone kroeg. Oké, het prijsniveau is voor de jeugd ongetwijfeld veel aantrekkelijker, maar dat kan voor de plaatselijke gemeente toch geen steekhoudend argument zijn. Ten opzichte van de illegale keten heeft “Keet de Kolk” natuurlijk absoluut de voordelen van regels en controle. Of die allemaal wel  correct worden nageleefd is telkens weer een ander punt van discussie. Laten we het erop houden dat “Keet de Kolk” de schijn behoorlijk tegen heeft. Er bestaat een convenant tussen de gemeente en de keet, waarin de spelregels duidelijk worden omschreven. Maar de naleving ervan staat behoorlijk ter discussie. Daarin verschilt ons lokale gemeentebestuur helaas niet veel met de landelijke overheid.

De grote verliezers zijn natuurlijk al tijden de plaatselijke horecaondernemers.

Ik kan me het ongenoegen van de uitbater van “de olde soldoat” Johan Snel wel levendig voorstellen. De man investeerde voor een vermogen in zijn zaak. De crisis hakte er behoorlijk in en toen kwam ook nog het rookverbod er bovenop. Gevolgd door het reeds vermelde alcoholverbod in horecagelegenheden voor personen onder de 18 jaar. De gemeente subsidieert vervolgens een keet voor jongeren, die een regelrechte concurrent is voor zijn broodwinning. Dat is allemaal wel een beetje veel van het goede.

Het was én is Johan Snel een doorn in het oog. Hij ageerde al regelmatig tegen beslissingen en gebeurtenissen omtrent “Keet de Kolk”.  Hij vecht tegen (in zijn ogen) onrecht en vóór zijn zaak. Dat valt hem te prijzen, maar of het verstandig is? Normaal gesproken zijn de personen die vandaag een keet bezoeken zijn klanten van morgen.

Gepubliceerd door Erik Driessen
Van Dijk Containers 500