Al 15 jaar de nieuwssite voor Genemuiden!
29 oktober 2020 t’ Olde Staduus
Agenda
Van Dijk Heftrucks (tijdelijk)

‘Ondeugend’

Geplaatst op: 18 december 2014

cjg_200Ik heb de laatste weken een paar mensen herontmoet. Mannen en vrouwen die in hun jeugd niet zo makkelijk waren. “Ik was nogal ondeugend”, lachte een van die mannen en dat was zo ongeveer het understatement van het jaar. Mocht het Centrum voor Jeugd en Gezin in die tijd al bestaan hebben, dan zouden ze een dagtaak alleen aan deze man hebben gehad. Ondertussen is het een keurige huisvader, streng voor zijn eigen kinderen en motor achter een hartverwarmende goede doelen actie. Een van de vrouwen heeft een zelfde soort verhaal. Vroeger trapte ze letterlijk en figuurlijk overal tegenaan. Nu vangt ze kansarme kinderen op. Niets is wat het lijkt, mensen veranderen.

Ook ten slechte, denk ik wel eens bij mezelf. Zelfs die modeldochter van anderhalf jaar die verlegen wordt als mensen naar haar kijken. Dan kruipt ze tegen me aan of ze gaat achter me staan. Hoe zou ze over pakweg dertig jaar door het leven hobbelen? Vermoedelijk een vraag die alle ouders wel eens bezighoudt. Je voedt ze op, je leert ze met twee woorden spreken, je leert ze manieren aan tafel en je leert dat ze ook eens snoepjes met anderen moeten delen. Maar straks komen de gevaren. Verkeerde vrienden, drank, drugs en weet ik veel wat voor ellende nog meer. En daar sta je dan als vader of moeder met je goede gedrag.

Je hebt er invloed op en toch niet. Ik hoor me tegenwoordig zinnen tegen mijn kinderen spreken, waaraan ik me ergerde als mijn ouders die tegen mij spraken. Pas op dit, pas op dat, doe niet zus, doe niet zo. Dan zie ik ze zuchten zoals ik zelf vroeger zuchtte. Wat dat betreft verandert er weinig door de eeuwen heen. Ouders waarschuwen en begeleiden, kinderen rukken zich het liefst los. Dat moeten de ouders van criminelen vroeger ook hebben gedaan, stel ik me voor. En toch is het misgegaan. Lieve kinderen veranderen soms in boeven, bij ondeugende kinderen blijkt achter hun streken misschien een hart van goud te zitten. “Papa, wil je met me spelen?”, vraagt mijn zoontje. “Beloof je dat je een modelburger wordt en dat je je oude vader straks blijft opzoeken?”, denk ik in mijn hoofd. Ik zadel hem niet op met mijn overpeinzingen. “Tuurlijk jongen…wat gaan we doen?”, zeg ik.

Gepubliceerd door Harm van Wendel
Van Dijk Containers 500