Al 15 jaar de nieuwssite voor Genemuiden!
22 september 2020
Agenda
Van Dijk Heftrucks (tijdelijk)

Herfsttij (column Gerrit van Houwelingen)

Geplaatst op: 4 oktober 2015

De tweeling heeft een hut. Elke avond zijn ze buitendijks in het elzenbroekbosje te vinden. Ook twee dames uit de klas zijn vaak van de partij. Een hol half onder de grond met als enig niet-prehistorisch materiaal wat landbouwplastic. Met een mengsel van veen en klei kneden ze potten en versieren de rand als echte nazaten van het Bandbekervolk. Ondertussen houden ze vanuit het gebladerte nauwlettend de dijk in de gaten. Of de meester nog niet langs komt met zijn hond. Dan komen ze steevast te voorschijn om een praatje te maken. De lage herfstzon zet alles in een milde gloed. ‘Vergeet de samenvatting van je repetitie geschiedenis niet te leren, smeerpoetsen!’, waarschuwt hij nog voor hij verder wandelt. Thuisgekomen bouwt hij al knippend en plakkend de veel te moeilijke toets om tot een verteerbare brok.

Hij neemt een groep mee naar de petgaten in het Staphorsterveld, waar ze naar reeën speuren en de vlucht van de valk en de buizerd uit elkaar houden. Langs het laarzenpad zoeken ze naar sporen en vanuit de observatiehut verwonderen ze zich over de schijterij van de aalscholvers. Alle witgepleisterde bomen leggen het loodje. Als ze over de brink van Zwartewatersklooster terugfietsen, last hij een raappauze in onder de majestueuze kastanjeboom. Boven de eendenkooi vliegen de eerste ganzen over. Een vleugje herfst hangt in de lucht.

De populieren in het plantsoen laten als eerste hun blad vallen. Een vutters-echtpaar op de Zuiderzee-route eet een boterham op een bankje. Rond de kerk waait een dun windje. Aan het einde van de Langestraat manoeuvreert Van Gend & Loos de Schoolstraat in. Even later staat er een pallet bij de voordeur. ‘Je mag dat ding wel weer meenemen’, zegt hij na het plaatsen van zijn handtekening, maar de chauffeur mompelt wat over grof vuil en maakt dat hij wegkomt. Dan sukkelt hij de middag door, is blij dat collega Gert van de Cockse Skoele hem een poosje afleidt, bergt de Heutink bestelling op in de berging, maakt een praatje op het kleuterplein en gaat er tegen half vijf vandoor met twee stapels schriften, overblijfselen van de lesgebonden morgen.

De herfstvakantie komt in zicht. De berken rond school vullen de goten. De oliebollenkraam, die dagen tevoren de jaarmarkt aankondigt, strijkt neer op het Havenplein. De kinderen worden onrustig. Wanneer komt de draaimolen? Woensdag is het zo ver. De jeugd is niet meer te houden. Biestemerk! Hij als ‘vremde’heeft er niet veel mee. Hij huurt een stulpje op Texel. Door de lege Greidhoek en over de Afsluitdijk gaat het op onze marinehaven aan. Als de Schulpengat het Marsdiep oversteekt, draait hij de knop om en alle schoolbesognes vallen van hem af. Dagenlang zwerft hij over Thijsses eiland. Terwijl bonte strandlopertjes met hem mee trippelen langs de zeereep, vist de WR 36 met zijn boomkor vlak onder de kust naar platvis. Bij vloed fietst hij de Lancasterdijk uit en het duizelt hem van de talloze steltlopers. Een wolk sneeuwgorzen strijkt neer tussen de steenlopers onderaan de dijk. Wat een Wad!

Gepubliceerd door Erik Driessen
Van Dijk Containers 500